Ga naar inhoud

Invoerrechten

Ook bekend als: invoerrecht

Invoerrechten zijn de heffing die je bij invoer in de EU over de douanewaarde betaalt. Het tarief volgt uit de TARIC-code en het land van oorsprong, en wordt vastgesteld in de invoeraangifte in DMS.

Hoe worden invoerrechten berekend?

Je berekent invoerrechten door het tarief uit TARIC toe te passen op de douanewaarde. Die waarde is in de regel de transactiewaarde, plus vracht en verzekering tot de buitengrens van de EU. Het tarief hangt aan de combinatie van de tiencijferige TARIC-code en het land van oorsprong. De meeste tarieven zijn ad valorem, een percentage over de waarde. Er bestaan ook specifieke tarieven, uitgedrukt in euro per eenheid, kilogram of liter, en gemengde tarieven die een percentage en een bedrag per eenheid combineren. In DMS zie je het berekende bedrag per artikelregel. Klopt de goederencode of de oorsprong niet, dan klopt het bedrag ook niet, en een correctie achteraf kost rente. Een preferentieel tarief, vaak nul procent, geldt alleen met een geldig oorsprongsbewijs: een EUR.1, een oorsprongsverklaring op de factuur, of een attest van een geregistreerde exporteur in REX. Zonder dat bewijs op het moment van aangifte, of binnen de termijn nagezonden, valt de zending terug op het derdelandentarief. Dat het product materieel recht zou hebben op het lagere tarief, is dan niet meer relevant.

Wanneer betaal je invoerrechten?

De douaneschuld ontstaat op het moment waarop de Douane de invoeraangifte aanvaardt voor plaatsing in het vrije verkeer. Vanaf dat moment zijn de goederen Uniegoederen, met T2-status, en zijn de invoerrechten verschuldigd. Zolang de goederen onder een schorsingsregeling staan (T1, douane-entrepot of tijdelijke opslag) is er geen schuld. Betalen doe je niet per se op diezelfde dag. Met een vergunning periodieke betaling, ook wel uitstel van betaling, boek je de schuld op een rekening-courant bij de Douane en vereffen je periodiek, tegen een zekerheid. Zonder die vergunning moet het bedrag beschikbaar zijn voordat de goederen worden vrijgegeven. Een aangever zonder zekerheidsruimte houdt de zending vast tot de betaling binnen is. Bij een onvolledige aangifte kunnen voorlopige rechten ontstaan. Zodra de aanvullende aangifte binnen is, volgt het definitieve bedrag. Is dat hoger, dan heft de Douane het verschil na. Is het lager, dan volgt een teruggaaf. Voor de importeur is dat een reden om de voorlopige bedragen niet als eindafrekening te behandelen, en om de aanvullende stukken binnen de termijn te leveren.

Hoe bepaalt oorsprong het tarief?

Het derdelandentarief geldt voor goederen zonder preferentiele oorsprong. Komt het product uit een land waarmee de EU een handelsakkoord heeft, en voldoet het aan de oorsprongsregels van dat akkoord, dan kan het tarief lager of nul zijn. De oorsprong is het land waar het product is vervaardigd, niet het land van verzending. Goederen gemaakt in China en via Singapore verscheept blijven van Chinese oorsprong. Het bewijs moet bij de aangifte horen. Een factuurverklaring is alleen geldig als de exporteur daartoe bevoegd is. Bij REX-akkoorden moet het REX-nummer van de exporteur op het attest staan. Ontbreekt het nummer of is het ongeldig, dan wijst DMS de preferentie af of hangt de Douane hem bij een controle achteraf af. Antidumping- en compenserende rechten hangen eveneens aan de oorsprong, en soms aan de specifieke producent. Daarvoor bestaat een aanvullende TARIC-code van vier tekens. Zonder die code valt de zending vaak op het hoogste recht. Dat is een ander bedrag dan het gewone invoerrecht, maar het wordt in dezelfde aangifte berekend en op dezelfde rekening-courant geboekt.

Wat is de vrijstelling tot honderdvijftig euro?

Voor zendingen met een intrinsieke waarde tot honderdvijftig euro geldt in de EU nog een vrijstelling van invoerrechten. De intrinsieke waarde is de prijs van de goederen zelf, zonder vracht en verzekering. Die vrijstelling geldt niet voor accijnsgoederen en niet als er verboden of beperkingen op de goederen rusten. In die gevallen is een volledige invoeraangifte in DMS nodig, met de tiencijferige TARIC-code, ook al ligt de waarde onder de drempel. De btw-vrijstelling tot tweeentwintig euro is per 1 juli 2021 vervallen. Over elke ingevoerde zending is btw verschuldigd, ook als er geen invoerrecht is. In de e-commerceketen loopt dat via DECO en de H7-gegevensset, of via IOSS als de verkoper de btw al bij de verkoop heeft geheven. De EU werkt aan het afschaffen van de vrijstelling van invoerrechten. Verdwijnt die, dan is over elke zending invoerrecht verschuldigd en volstaat de zescijferige HS-code niet meer, omdat het tarief aan de tiencijferige TARIC-code hangt. Wie nu een e-commercestroom inricht, doet er goed aan de gegevens alvast op die volledige code voor te bereiden.

Hoe betaal je invoerrechten in de praktijk?

In Nederland loopt de vaststelling via DMS. De aangever dient de invoeraangifte in, DMS berekent per artikelregel het recht, en de Douane geeft de goederen vrij als er geen controle volgt. Het bedrag wordt geboekt op de rekening-courant van de aangever of van de importeur, afhankelijk van de vertegenwoordigingsvorm en de vergunning. Bij directe vertegenwoordiging is de importeur de schuldenaar. Bij indirecte vertegenwoordiging is de aangever mede schuldenaar. Dat verschil is relevant als de importeur niet betaalt: de Douane kan de aangever aanspreken. De machtiging moet die vertegenwoordigingsvorm expliciet dekken. Een machtiging die alleen directe vertegenwoordiging toestaat, is geen basis voor een aangifte waarin de aangever zelf in de schuld meeloopt. De aangever factureert de rechten vervolgens door aan de opdrachtgever. Dat is geen douaneformaliteit, het is een privaatrechtelijke afspraak. Klopt het bedrag op de aangifte niet, dan klopt de doorbelasting ook niet, en een correctie van de Douane weken later leidt tot een credit of een nagekomen factuur. Bij een onvolledige aangifte hoort die tweede factuur in het proces te zitten, niet als verrassing.

Wat gebeurt er bij een verkeerd tarief?

Een verkeerde goederencode, een vergeten preferentie of een te lage douanewaarde levert te weinig of te veel betaalde invoerrechten op. De Douane kan tot drie jaar na de mededeling van de douaneschuld naheffen. Rente is verschuldigd, en bij grove schuld of opzet kan een boete volgen. Te veel betaalde rechten vraag je terug met een verzoek om terugbetaling of kwijtschelding. De termijn is in de regel drie jaar na de datum waarop de schuld is meegedeeld. De meest voorkomende redenen zijn een foute goederencode en een preferentiele oorsprong die bij de aangifte ontbrak maar later alsnog wordt aangetoond. Zonder de stukken die het lagere recht onderbouwen, wijst de Douane het verzoek af. Een structureel te laag tarief in een vaste stroom loopt hard op. Honderden aangiften met een half procent te weinig is een naheffing over de hele periode. Daarom hoort de combinatie van code, oorsprong en documentcode gecontroleerd te worden voordat de aangifte naar DMS gaat, niet erna. Een koppeling op de DTV vangt het gros van die fouten af op het moment dat corrigeren nog goedkoop is.

Veelgestelde vragen over Invoerrechten

Wat zijn invoerrechten?
Invoerrechten zijn de heffing die je bij invoer in de EU over de douanewaarde betaalt. Het tarief volgt uit de TARIC-code en het land van oorsprong.
Wanneer betaal je invoerrechten?
Je betaalt invoerrechten op het moment dat de goederen in het vrije verkeer worden gebracht. Zolang ze onder T1, entrepot of tijdelijke opslag staan, is er geen douaneschuld.
Hoeveel invoerrechten moet ik betalen?
Het bedrag is het tarief bij de goederencode, toegepast op de douanewaarde. Of dat tarief het derdelandentarief of een preferentieel tarief is, hangt af van de oorsprong en het bewijs daarbij.
Hoe weet je of je invoerrechten moet betalen?
Je weet het uit TARIC, via de combinatie van goederencode en land van oorsprong. Sommige codes hebben een nultarief, andere een percentage of een bedrag per eenheid, en tot honderdvijftig euro intrinsieke waarde kan een vrijstelling gelden.
Tellen vrachtkosten mee bij invoerrechten?
Ja, vracht en verzekering tot de buitengrens van de EU tellen mee in de douanewaarde waarover het invoerrecht wordt berekend. Vracht binnen de EU telt niet mee, mits dat deel afzonderlijk aantoonbaar is.
Wat is het verschil tussen invoerrechten en btw bij invoer?
Invoerrechten zijn een douanheffing over de douanewaarde, btw bij invoer is omzetbelasting over diezelfde waarde plus de invoerrechten. De btw kun je als ondernemer in de regel aftrekken, het invoerrecht niet.